Gids

Hoeveel ingangen heeft een audio-interface nodig?

Zo bepaal je hoeveel microfoon-, lijn- en instrumentingangen je interface moet hebben, en waarom meer niet altijd beter is.

Bovenaanzicht van een compacte audio-interface met vier ingangen, waarvan er twee bezet zijn

Het aantal ingangen is het eerste getal waar je naar kijkt bij een audio-interface en tegelijk het getal dat het vaakst verkeerd wordt gelezen. Een interface met vier ingangen is niet automatisch een interface waarop je vier microfoons kunt aansluiten.

Soorten ingangen

Een ingang kan een van drie dingen zijn, of meerdere tegelijk:

  • Microfooningang met voorversterker. Meestal een XLR-aansluiting die ook een lijnsignaal accepteert. Alleen hier kun je een microfoon op aansluiten, en alleen hier staat fantoomvoeding voor condensatormicrofoons.
  • Instrumentingang. Een jackaansluiting met hoge ingangsimpedantie voor een elektrische gitaar of basgitaar zonder versterker ertussen.
  • Lijningang. Voor signalen die al op lijnniveau zijn, zoals een synthesizer, een mixer of een draagbare speler. Hier zit geen microfoonvoorversterker achter.

Op de productpagina kan een interface met vier ingangen dus twee microfooningangen en twee lijningangen hebben. Tel daarom de microfoonvoorversterkers, niet de aansluitingen.

Een rekenmethode die werkt

Schrijf op wat je tegelijk wilt opnemen en tel het aantal bronnen:

  • Eén stem of één instrument: één microfoonvoorversterker is genoeg.
  • Zanger met akoestische gitaar, of twee gesproken stemmen: twee voorversterkers.
  • Elektrische gitaar en zang: één microfooningang plus één instrumentingang als je de gitaar direct aansluit, of twee microfooningangen als je de versterker microfoneert.
  • Een drumstel afnemen met meerdere microfoons: minstens vier voorversterkers, bij een volledige opstelling acht of meer.

Tel er daarna één of twee bij op voor de dingen die je over een jaar misschien wilt doen. Een interface die nu net past, is straks te klein.

Uitgangen en overige aansluitingen

Ingangen zijn maar de helft. Kijk ook naar:

  • Hoofdtelefoonuitgangen. Wil je samen met iemand anders meeluisteren, dan heb je er twee nodig of een splitter.
  • Hoofduitgangen. Een stereopaar voor je monitors is standaard. Een tweede paar is handig als je twee setjes monitors wilt vergelijken.
  • MIDI en digitale koppelingen. Alleen relevant als je er apparatuur op aansluit.

Hoe je monitors en hoofdtelefoon daarop aansluit, staat in het artikel over de signaalketen.

De rol van de voorversterker

Meer ingangen betekent niet dat de voorversterkers beter zijn. Bij compacte interfaces is de kwaliteit van de voorversterker vaak goed genoeg voor een dynamische of gevoelige condensatormicrofoon. Bij zachte bronnen of dynamische microfoons met een lage gevoeligheid bepaalt de beschikbare versterking, uitgedrukt in decibel, of je zonder ruis kunt opnemen. Kijk in de specificaties naar de maximale versterking en naar de ruisspecificatie, niet alleen naar het aantal kanalen.

Wat je wint en verliest met meer ingangen

Een grotere interface geeft meer flexibiliteit, maar neemt ook meer ruimte in, verbruikt vaak meer stroom en vraagt een stabielere verbinding met je computer. Compacte modellen krijgen hun stroom doorgaans via USB. Grotere modellen hebben soms een eigen voeding nodig. Houd daar rekening mee als je met een laptop onderweg opneemt.

Kort samengevat

Begin bij het aantal bronnen dat je tegelijk opneemt, tel microfoonvoorversterkers, en kies een model met ruimte voor uitbreiding. Kom je uit met twee ingangen, kijk dan niet verder dan een compact model. Neem je regelmatig met een groep op, ga dan voor vier of meer ingangen en let extra op de stabiliteit van de verbinding.

Voorbeelden uit het aanbod

Opnamehoek Gidsen